HSP: van hoofd naar hart en lichaam

Als HSP kun je veel nadenken. Je analyseert situaties, voelt verschillende mogelijkheden aan en denkt vaak uitgebreid na over wat er is gebeurd of wat er zou kunnen gebeuren. Dat is een mooie kwaliteit. Je ziet verbanden, denkt vooruit en kunt situaties vanuit verschillende kanten bekijken. Maar soms kan je hoofd ook heel druk worden.

Je blijft nadenken over een gesprek. Je vraagt je af of je de juiste keuze hebt gemaakt. Je probeert te begrijpen waarom iets je zo raakt. Of je denkt eindeloos na over wat een ander van je vindt. Je weet dan misschien heel veel met je hoofd, maar voelt ondertussen niet meer goed wat jij zelf nodig hebt. De beweging van hoofd naar hart en lichaam kan dan helpen.

Als je vooral vanuit je hoofd leeft

Veel HSP’s hebben geleerd om eerst te begrijpen wat er gebeurt.

Waarom voel ik dit?
Wat betekent dit?
Wat is de beste oplossing?
Wat zou ik moeten doen?

Je probeert grip te krijgen door na te denken. Dat kan tijdelijk helpen. Maar gevoelens en lichamelijke signalen laten zich niet altijd oplossen door er langer over na te denken. Soms weet je rationeel precies wat verstandig zou zijn, terwijl iets in jou toch zegt: dit klopt niet. Of andersom: je ziet allerlei bezwaren, maar ergens vanbinnen weet je dat je deze stap wél wilt zetten. Dan kan het helpen om niet nóg meer te denken, maar juist even te stoppen.

Van hoofd naar hart

Met je hart voelen betekent niet dat je al je verstand moet uitschakelen. Het gaat erom dat je naast je gedachten ook aandacht geeft aan wat je voelt.

Je kunt jezelf bijvoorbeeld vragen:

“Wat raakt mij hierin?”

Of:

  • “Waar word ik blij van?”
  • “Waar verlang ik naar?”
  • “Wat voelt voor mij werkelijk belangrijk?”

Soms komt er niet meteen een duidelijk antwoord. Dat is helemaal niet erg. Wanneer je gewend bent om veel te analyseren, kan het tijd kosten om opnieuw contact te maken met je gevoel.

Je lichaam als kompas

Ook je lichaam geeft voortdurend informatie. Misschien merk je spanning in je schouders wanneer je ergens eigenlijk geen zin in hebt. Of voel je ruimte en ontspanning wanneer iets goed voor je is. Een bepaalde persoon kan je een zwaar gevoel geven. Een omgeving kan onrust oproepen. Een keuze kan juist een gevoel van rust geven, ook al kun je nog niet uitleggen waarom. Je lichaam spreekt vaak in subtiele signalen. Het kan daarom waardevol zijn om jezelf gedurende de dag af en toe te vragen:

“Wat merk ik op in mijn lichaam?”

Niet om ieder lichamelijk signaal meteen te interpreteren, maar simpelweg om aanwezig te zijn bij de sensaties in je lijf.

Eerst voelen, dan begrijpen

Als HSP wil je misschien graag begrijpen waarom je iets voelt voordat je het gevoel helemaal toelaat. Maar het kan ook andersom.

Eerst voelen.
Dan luisteren.
En pas daarna begrijpen.

Wanneer je verdriet voelt, hoef je niet direct te weten waar het vandaan komt.

Wanneer je boos bent, hoef je niet meteen uit te zoeken of je boosheid terecht is.

Wanneer je spanning voelt, hoef je niet onmiddellijk een oplossing te bedenken.

Je kunt simpelweg beginnen met: “Dit is wat ik nu voel.” Dat geeft ruimte.

Hoofd, hart en lichaam werken samen

Het doel is niet om van je hoofd naar je hart en lichaam te gaan en je verstand vervolgens achter je te laten. Juist de combinatie is waardevol. Je hoofd helpt je om na te denken, overzicht te krijgen en keuzes te maken. Je hart helpt je om te voelen wat belangrijk voor je is. Je lichaam geeft signalen over spanning, ontspanning, grenzen en energie. Wanneer deze drie meer met elkaar samenwerken, kun je keuzes maken die niet alleen logisch zijn, maar ook werkelijk bij jou passen.

Een oefening: de drie vragen

Wanneer je voor een keuze of situatie staat, neem dan even de tijd voor drie vragen:

1. Wat zegt mijn hoofd?

Welke gedachten, argumenten en zorgen zijn er?

2. Wat zegt mijn hart?

Wat voel ik? Waar verlang ik naar? Wat is voor mij belangrijk?

3. Wat zegt mijn lichaam?

Voel ik spanning, ruimte, weerstand, rust of juist energie?

Je hoeft niet meteen een antwoord te hebben.

Blijf even zitten met wat je opmerkt.

Soms ontstaat er na een paar minuten meer duidelijkheid.

Thuiskomen bij jezelf

Van hoofd naar hart en lichaam gaan is uiteindelijk een beweging naar binnen. Van voortdurend bezig zijn met wat er om je heen gebeurt, naar opnieuw voelen wat er in jou gebeurt.

Van “Wat verwachten anderen van mij?” naar: “Wat klopt voor mij?”

Dat betekent niet dat je minder hoeft na te denken of minder rekening hoeft te houden met anderen. Het betekent dat jij jezelf weer meeneemt in je keuzes.

Je hoofd mag denken.
Je hart mag voelen.
Je lichaam mag spreken.

En wanneer je naar alle drie leert luisteren, ontstaat er steeds meer ruimte om te leven en werken op een manier die werkelijk bij jou past.